Proef wijn in 1, 2, 3, … 4!
Onderwijs
december 22, 2016

Proef wijn in 1, 2, 3, … 4!

1. Kijk

Check niet alleen de kleur van je wijn, maar ook de helderheid en de intensiteit. De kleur ligt het meest voor de hand: wit, rosé of rood. Naast deze ‘basiskleuren’ bestaan er ook schakeringen zoals citroen – goud – amber bij wit, roze – oranje bij rosé en paars – robijnrood – granaatrood – bruinrood bij rood. De helderheid gaat van helder naar troebel; de intensiteit van bleek naar diep.

Foto: kijken

2. Ruik

De geur kun je beschrijven door drie parameters te gebruiken: conditie, intensiteit en aromakenmerken. De conditie van je wijn verraadt eventuele fouten zoals oxidatie of kurksmaak. In deze gevallen spreken we over een onzuivere wijn, in alle andere gevallen over een zuivere wijn. Het spreekt voor zich dat een onzuivere wijn niet drinkbaar is.

De geur kan een lichte, gemiddelde of uitgesproken intensiteit hebben. De aroma’s zijn uitzonderlijk divers, maar behoren steeds tot een van de volgende categorieën met bijhorende subcategorieën:

Fruitig: citrus, groen fruit, steenvruchten, rood fruit, zwart fruit, tropisch fruit, gedroogd fruit

Bloemig: bloesem (bv. vlierbes, oranjebloesem) of bloemen (bv. parfum, roos, viooltje)

Specerijen: zoet (bv. kaneel, kruidnagel, gember, nootmuskaat, vanille) of doordringend (bv. peper, zoethout, jeneverbes)

Vegetaal: fris (bv. asperge, groene paprika, paddenstoel, zwarte olijf), gekookt (bv. kool, groenten uit blik), kruidig (bv. eucalyptus, gras, hooi, munt, blad van zwarte bes, natte bladeren), zaden / pitten / noten (bv. amandel, kokosnoot, hazelnoot, walnoot, chocola, koffie), eikenhout (bv. ceder, harsachtig, rook, tabak)

Anders: dierlijk (bv. leer, natte wol, vlezig), autolytisch (bv. gist, biscuit, brood, toast), zuivel (bv. boter, kaas, room, yoghurt), mineraal (bv. aarde, petroleum / benzine, rubber, teer, steen- of staalachtig), rijpheid (bv. karamel, snoep, honing, jam, marmelade, stroop) 

Foto: ruiken

3. Proef

En de smaak? Daar draait het uiteindelijk om en beschrijf je op basis van zes parameters: zoetheid, zuurgraad, tanninegehalte (enkel bij rode wijn), body of mondgevoel, smaakkenmerken en afdronk. De smaakkenmerken bestaan uit dezelfde (sub)categorieën als de aroma’s die je onderscheidt bij geur, maar hoeven niet perse dezelfde te zijn. Zo kan een wijn naar citrus ruiken en tegelijkertijd zoet smaken zoals vaak het geval is bij een zachte en fruitige zoete witte wijn.

Foto: proeven

4. Trek je conclusies!

Nadat je het uitzicht, de geur en de smaak van een wijn hebt geanalyseerd kun jij je conclusies trekken. Net zoals een professional kun je een wijn een score geven van slecht over acceptabel en goed tot uitstekend. Tip: hou je scores bij in een leuk boekje zodat je steeds meer te weten komt over wijn: van je geliefkoosde appellations tot je favoriete druiven.

Meer weten over wijn proeven? Proef, proef, proef zoals we aanhaalden in de introductie van dit artikel … of trakteer jezelf op een workshop of een cursus in de wijnschool van Bordeaux.

DISCOVER MORE

Rijpwording

Lexicon R

Dik

Lexicon D

Kurksmaak

Lexicon C